z-logo
open-access-imgOpen Access
GEDRAGS- EN BEROEPSREGELS REGISTERACCOUNTANTS
Author(s) -
Y. Schotten
Publication year - 1974
Publication title -
maandblad voor accountancy en bedrijfseconomie
Language(s) - Spanish
Resource type - Journals
eISSN - 2543-1684
pISSN - 0924-6304
DOI - 10.5117/mab.48.11450
Subject(s) - computer science
1 Inleiding (van R .B .R . naar G.B.R .) 6 december 1973, beter bekend als de verjaardag van Sinterklaas, bracht voor de leden van de Orde Nederlands Instituu t van Registeraccountants een aan gename verrassing. In een tijd waarin iedereen hoopt van de Goedheiligman letters te krijgen, ontving iedere registeraccountant er drie, te weten de G, B en R, twee oude letters, één nieuwe. Ik heb het oog op de inwerkingtreding van de „Gedragsen Beroepsregels Registeraccountants” (G.B.R.). De nieuwe in een verordening van het N.I.v.R.A. vastgelegde beroepsreglementering, die daags na haar publicatie in de Nederlandse Staatscourant van 5 decem ber 1973 in werking is getre den, is in de plaats gekomen van de „Regelen Beroepsuitoefening Register accountants” (R.B.R.). Ingevolge artikel 34 van de betreffende verordening werd het besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken waarbij de R.B.R. waren vastgesteld ingetrokken. Uit juridisch oogpunt is het een zeld zaamheid dat een staatsrechtelijk lager orgaan in staat en bevoegd is het besluit van een staatsrechtelijk hoger orgaan in te trekken. In dit geval is het lager orgaan het publiekrechtelijke lichaam het Nederlands Instituut van Re gisteraccountants, in het bijzonder zijn algemene vergadering, die gebruik maakte van de haar bij de wet verleende verordenende bevoegdheid (artikel 19 Wet op de Registeraccountants, verder te noemen de w et), en is het hoger orgaan de staatssecretaris die als minister handelende (artikel 86 Grondwet) bij ministeriële beschikking op 9 juli 1963 de R.B.R. had vastgesteld. Deze uitzonderlijke situatie kon slechts ontstaan doordat de wetgever in artikel 105 van de wet de onderlinge verhouding tussen ministeriële beschik king en verordening uitdrukkelijk had geregeld. Deze bepaling van overgangs recht houdt namelijk in dat de regelen voor de beroepsuitoefening, die voor de eerste maal door de Minister van Economische Zaken worden vastgesteld, van kracht blijven to td a t zij bij verordening (van de ledenvergadering) wor den ingetrokken. De opzet was duidelijk deze, dat in beginsel het N.I.v.R.A. bevoegd diende te zijn zijn eigen beroepsregels vast te stellen, zoals in het verleden de privaatrechtelijke verenigingen waaruit het N.I.v.R.A. is voortge komen, zoals het N.I.v.A. en de V.A.G.A., hun eigen regelen ter zake hadden. Wilden er echter geldige beroepsregelen zijn op het ogenblik dat de wet volledig van kracht werd en het N.I.v.R.A. bestond, dan dienden deze regelen tevoren te w orden vastgesteld. De enige praktische mogelijkheid om te bereiken dat van de eerste dag af, dat registeraccountants geheel onder de werking van de w et vielen, beroepsregelen voor hen bestonden en bindend waren, was dat de minister deze regelen vaststelde. Nadat het N.I.v.R.A. functioneerde trad hij weer terug ten gunste van het lager publiekrechtelijke lichaam. Hij behield slechts de bevoegdheid een verordening als de onder havige aan de Kroon voor te dragen ter schorsing o f vernietiging op grond van strijd m et de w et o f m et het algemeen belang (art. 31 van de w et). Dit laatste is niet geschied, zodat aangenomen mag worden dat de m inister geen

The content you want is available to Zendy users.

Already have an account? Click here to sign in.
Having issues? You can contact us here
Accelerating Research

Address

John Eccles House
Robert Robinson Avenue,
Oxford Science Park, Oxford
OX4 4GP, United Kingdom