z-logo
open-access-imgOpen Access
OPMERKINGEN OVER DE BELASTINGHEFFING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE
Author(s) -
M. A. Wisselink
Publication year - 1966
Publication title -
maandblad voor accountancy en bedrijfseconomie
Language(s) - Spanish
Resource type - Journals
eISSN - 2543-1684
pISSN - 0924-6304
DOI - 10.5117/mab.40.21418
Subject(s) - philosophy
1. In het huidige tijdsgewricht zullen door de Nederlandse regering bepaalde harmonisatievoorstellen aan ons parlement met betrekking tot de omzetbelasting wor den voorgelegd, gebaseerd op principia welke door de Raad van de Europese Economische Gemeenschap zijn aanvaard, zodat het meer dan tijd wordt om zich te bezinnen wat er gaat gebeuren met betrekking tot deze belasting. Het is prak tisch ja zelfs juridisch niet meer mogelijk zich te onttrekken aan de rechtswerking van de adviezen van deze Raad. Tijdens de zitting van 13 en 14 mei 1965 heeft genoemde Raad besloten om het Economisch en Sociaal Comité te raadplegen omtrent een voorstel van de com missie. In dat voorstel wordt met instemming van Nederland geadviseerd dat alle leden van de Europese Economische Gemeenschap hun omzetbelasting herzien en wel op een zodanige wijze dat zij een belastingheffing zullen invoeren onder de titel van „omzetbelasting over de toegevoegde waarde (B.T.W.)”. Het advies van het Economisch en Sociaal Comité van 26 en 27 januari 1966 conformeert zich met dit voorstel. In een eerste fase kan elk land zelf in dat stelsel de tarieven vaststellen en vrijstellingen invoeren. Hierdoor ontstaan dus in de Europese Eco nomische Gemeenschap zes in conceptie gelijke, maar in de druk verschillende landelijke omzetbelastingen. Ook in deze landelijke B.T.W. brengt het systeem zelve mede dat algehele vrijstelling en grote tariefsdifferentiatie niet aanvaardbaar zijn. De Europese Commissie heeft zijn doelstelling die zij met de B.T.W. wil bereiken nl. to°gelicht als volgt: a. als eerste fase het geraken tot een exportprijs, vrij van enige indirecte belasting druk (althans dat bij uitvoer niet meer omzetbelasting wordt teruggegeven dan werkelijk geheven) en het heffen van omzetbelasting bij invoer, welke exact over eenkomt met de heffing van het binnenlands product, b. als verdere tweede fase de omzetbelasting voor alle E.E.G.-landen geheel gelijk te maken, waardoor de goederen afkomstig uit een E.E.G.-land in de gemeen schappelijke markt kunnen circuleren, zonder teruggave van belasting en zonder grensformaliteiten. Reeds in de eerste fase wil de Commissie enige restricties aanbrengen met be trekking tot de aanduiding van de te harmoniseren productieen distributiefasen, tot het kiezen van verschillende percentages en tot het invoeren van vrijstellingen. Ik citeer uit het genoemd advies het volgende: „Overwegende dat het, met dit doel voor ogen, bijzonder gewenst is in het toepassingsgebied van de belastingen alle economische activiteiten te begrijpen, d.w.z. zowel de productieen de distributiesector als de dienstensector, en op deze wijze de heffing van de belasting uit te strekken tot en met de fase, welke aan het uiteindelijk verbruik voorafgaat; Overwegende dat het, om het systeem op eenvoudige en neutrale wijze te kunnen toepassen en om het algemene tarief van de belasting binnen redelijke grenzen te kunnen houden, gewenst is zich in beginsel te verzetten tegen verzoeken, welke voorkeursregelingen en uitzonderingsmaatregelen voor een bepaalde sector beogen te verkrijgen;

The content you want is available to Zendy users.

Already have an account? Click here to sign in.
Having issues? You can contact us here
Accelerating Research

Address

John Eccles House
Robert Robinson Avenue,
Oxford Science Park, Oxford
OX4 4GP, United Kingdom