z-logo
open-access-imgOpen Access
De betekenis van codificatiegedachte en -praktijk voor de natievorming
Author(s) -
A.H. Huussen
Publication year - 1989
Publication title -
bmgn - low countries historical review
Language(s) - Danish
Resource type - Journals
SCImago Journal Rank - 0.166
H-Index - 9
eISSN - 2211-2898
pISSN - 0165-0505
DOI - 10.18352/bmgn-lchr.3173
Subject(s) - philosophy , humanities
Toen in 1796 de eenheid en ondeelbaarheid van de Bataafse Republiek door de verkiezing van een Nationale Vergadering waren bezegeld, diende de fundamentele wet van de federatieve Verenigde Nederlanden — in 1579 overeengekomen bij de Unie van Utrecht — ten spoedigste te worden vervangen. Een grondwetscommissie, door de Nationale Vergadering uit haar midden aangewezen, toog eind april aan het werk. Ongeacht de controverses over het meer of minder federatieve karakter dat de Republiek zou moeten krijgen, was een ruime meerderheid der commissieleden het er over eens, dat er algemeen geldende wetboeken zouden moeten komen. De unitaris mr. P. L. van de Kasteele heeft dat standpunt in de commissie met verve verdedigd:

The content you want is available to Zendy users.

Already have an account? Click here to sign in.
Having issues? You can contact us here
Accelerating Research

Address

John Eccles House
Robert Robinson Avenue,
Oxford Science Park, Oxford
OX4 4GP, United Kingdom